Boekrecensies uit Nieuwsbrief 74

 

Een bijdrage van Evert-Jan Straat

De volgende uitgaven ontving het MEC van uitgeverij New in Chess:

Matten nr. 7, Schaakverhalen.
New in Chess, 2010. 134 pagina's. € 11.95
Dit themanummer over vrouwen opent met een mooi verhaal van Jan Timman over zijn ontmoetingen met Judit Polgar. Veel aandacht wordt besteed aan Nederlandse kampioenen uit heden en verleden. Peter Boel beschrijft het turbulente levensverhaal van Fenny Heemskerk. Corry Vreeken wordt geïnterviewd door Dirk Jan ten Geuzendam. De poging van Corry Vreeken om haar prestaties hoger in te schatten dan die van Fenny Heemskerk doet geforceerd aan. Fenny speelde tenslotte met succes in enkele Kandidatentoernooien. De opsomming van haar beste prestaties klopt niet. Zo behaalde ze op de Damesolympiade in Oberhausen in 1966 niet het beste resultaat aan het eerste bord. Onder anderen Alexandra Nicolau, die toen nog voor Roemenië uitkwam, behaalde een hogere score. Na haar emigratie naar Nederland begin jaren '70 was Cathy van der Mije-Nicolau jarenlang ver weg onze sterkste speler. Het is jammer dat aan haar geen aandacht wordt besteed. Ook haar opvolgers komen uit het buitenland. Erika Sziva en Peng Zhao Qin komen uitgebreid aan het woord en spreken openhartig over hun privéleven. De jongste generatie, de tweeling Marlies en Laura Bensdorp, wordt door Karel van der Weide aan de tand gevoeld. Hoewel ze pas 24 zijn, hebben beiden voor een vaste baan gekozen. Laura speelt op recreatief niveau, Marlies, die als tweede in het NK vrouwen 2009 eindigde, heeft nog wel enige ambitie. Wordt er in dit nummer nog geschaakt? Ja, Lex Jongsma laat enige dameoffers zien. Het laatste artikel gaat niet over vrouwen. Adri Plomp beschrijft het korte leven van Salo Landau, die in de oorlog werd vermoord.

Jesus de la Villa: Dismantling the Sicilian.
New in Chess, 2009. 336 pagina's. € 23.95
Hoe kan wit het Siciliaans zo effectief mogelijk bestrijden? Met deze vraag in gedachte heeft de auteur een repertoire voor wit samengesteld dat deze opening met messcherpe varianten tracht onderuit te halen. Uit de overstelpende hoeveelheid materiaal heeft hij gekozen voor varianten met, indien mogelijk, de opzet f2-f3, Le3, Dd2 gevolgd door lange rokade. Slechts een enkele keer beveelt hij voor amateurs een rustiger zijvariant aan, die hij niet verder uitwerkt. Met zijn aanpak legt De la Villa de lat erg hoog en van enkele zeer actuele varianten spreekt hij het vermoeden uit dat zijn aanbeveling slechts enkele maanden zal standhouden. Dat het boek compleet is, blijkt uit het feit dat ook minder gebruikelijke varianten op de tweede zet van zwart worden besproken. Elk hoofdstuk begint met een historische inleiding en een waardering van het belang van de variant. Het eindigt met een samenvatting van de beoordeling van de verschillende varianten. Daardoor is het ook te gebruiken als naslagwerk. Het geheel is overzichtelijk gepresenteerd. Aanbevolen aan houthakkers die graag leven aan de rand van de vulkaan.

Viktor Moskalenko: Revolutionize your Chess.
New in Chess, 2009. 350 pagina's. € 24.95
Moskalenko heeft een opmerkelijk boek geschreven om jezelf als speler te verbeteren. Dynamisch spel, de kunst om strategie en tactiek te integreren, is de toverformule van het moderne schaak. De auteur geeft vijf criteria om een stelling te taxeren, Moskalenko's Five Touchstones. Verder besteedt hij aandacht aan persoonlijke zaken als intuïtie, psychologie, fysieke conditie, discipline en concentratievermogen. Om de individuele eigenschappen van de stukken beter te leren kennen begint hij met het eindspel. Vervolgens wordt in het hoofdstuk over het middenspel aandacht besteed aan de geïsoleerde pion. Smyslov was een groot kenner van deze materie. Tot zover is het boek voor de gemiddelde clubspeler goed te volgen. Vervolgens behandelt Moskalenko dynamische openingsvarianten zoals de Botwinnik-variant van het Slavisch. Dit is een zeer ingewikkeld systeem en de daaruit voortvloeiende complicaties hebben een hoge moeilijkheidsgraad. Het lijkt alsof de auteur hiermee een veel sterkere spelerscategorie op het oog heeft. Samengevat een interessante uitgave voor spelers met ambitie.

New in Chess Yearbook 93.
New in Chess, 2009. 246 pagina's. € 26.95
In het forum laait de discussie over het Traxler-gambiet weer op. Sosonko's Corner schenkt aandacht aan koningszetten in de opening. Tegenwoordig wordt over het opgeven van de rokade flexibeler gedacht dan vroeger. De surveys van de openingsvarianten bevatten bijdragen van onder anderen A. Kuzmin, Pelletier, Mikhalevski, Gutman, Moskalenko, Lukacs/Hazai, Ikonnikov en Stohl. Tenslotte bespreekt Glenn Flear twee boeken van Kasparov: On Modern Chess Part 2: Kasparov vs Karpov 1975-1985 en Part 3: Kasparov vs Karpov 1986-1987 en vier actuele openingsboeken.

Van uitgeverij Tirion ontvingen wij:

Hans Böhm & Yochanan Afek: Wij presenteren...DE PION.
Tirion, 2010. 141 pagina's. € 17.95
De pion wordt beschouwd als het zwakste stuk maar je hebt er gelukkig acht van. In eendrachtige samenwerking of als eenzame strijder kan hij, als hij op zijn best is, ieder ander stuk domineren. Verder beschikt de pion over enkele bijzondere eigenschappen: de keuze bij de eerste zet, de en-passant regel en de promotie. Van deze eigenaardigheden wordt gebruik gemaakt om zestig thema's te behandelen, de meeste van tactische aard. Het gaat hier zowel om voorbeelden uit de praktijk als uit de wereld van studies en problemen. Per thema worden vier voorbeelden gegeven. Een leuk boek over de wondere wereld van de pion.

Van uitgeverij McFarland ontvingen wij twee fraai gebonden boeken:

Eliot Hearst and John Knott: Blindfold chess.
McFarland, 2009. 437 pagina's. € 61.95
Blind schaken is lange tijd verbonden geweest met het geven van blind simultaanseances. In 1783 gaf Philidor in Londen een voorstelling aan drie borden. Het was een vorm van vermaak dat bij een groot publiek opzien baarde. In het begin van de 20e eeuw ontstond er een wedloop tussen enkele specialisten om tegen steeds hogere aantallen te spelen. De belangrijkste waren Pillsbury (22 partijen), Réti (29), Aljechin (32) en Najdorf. Deze laatste speelde in 1947 tegen 45 consulterende tegenstanders. De voorstelling duurde 24 uur en wordt door de auteurs als het wereldrecord simultaan blind schaken beschouwd, hoewel de oppositie zwak was. De betekenis van zo'n record hangt natuurlijk nauw samen met de geboden tegenstand en het resultaat. Zo bekeken zijn er velen die Aljechin als de grootste blindspeler aller tijden beschouwen. Nadien zijn geen serieuze pogingen meer gedaan om het record van Najdorf te breken. Tegenwoordig wordt er tijdens het jaarlijkse Amber toernooi in Monaco een blind rapidpartij gespeeld. Afgezien van blunders die gemaakt worden omdat een speler een verkeerde stelling in gedachte heeft, staan deze partijen op goed niveau. Het tweede gedeelte van deze uitgave houdt zich bezig met de psychologie van het blind schaken. Hoe slaagt een blind simultaanspeler erin zoveel verschillende stellingen te onthouden? Daarover bestaan verschillende opvattingen. Het laatste deel bevat een selectie van 444 blindpartijen. Met deze uitgave hebben de auteurs een standaardwerk over het blind schaken samengesteld dat tot nu toe in de schaakliteratuur ontbrak.

Peter P. Lahde: Isaac Kashdan, American Chess Grandmaster.
McFarland, 2009. 348 pagina's. € 49.90
Twintig jaar is de auteur bezig geweest de partijen van Kashdan te verzamelen. Een zoektocht door diverse bronnen leverde tientallen onbekende partijen op. Daardoor werd het respectabele aantal van 757 partijen vastgelegd: 661 wedstrijdpartijen, de overige zijn simultaan-, consultatie- en trainingspartijen. Kashdan (1905-85) werd rond 1930 als de sterkste speler van de USA beschouwd. Op de Olympiade won hij met het Amerikaanse team in de jaren dertig drie keer de gouden medaille. Ook in de toernooiarena was hij succesvol.
Rond 1935 werd hij door Reshevsky en Fine overvleugeld. In 1955 beëindigde Kashdan zijn schaakloopbaan. Hij bleef actief als journalist en was arbiter bij de twee beroemde toernooien om de Piatigorsky Cup midden jaren zestig.
Het partijengedeelte wordt voorafgegaan door een verwijzing naar 33 buitengewone partijen, zodat van de liefhebber niet het onmogelijke wordt gevraagd. Ongeveer zeventig partijen zijn geanalyseerd, vaak door Kashdan zelf. Een fraai eerbetoon aan een sterke grootmeester die in de vergetelheid dreigde te geraken.

Van de Zwitserse uitgeverij Olms ontvingen wij de volgende uitgaven:

Wolfgang Uhlmann, Gerhard Schmidt: Open Files.
Edition Olms, 2009. 164 pagina's. € 24.95
Deze volledig herziene uitgave geeft een goed overzicht van de betekenis van open lijnen. Uhlmann weet kernachtig de nuances van deze materie onder woorden te brengen. In het eerste hoofdstuk worden de basisprincipes uiteengezet. Vervolgens worden de diverse aspecten van een open lijn systematisch behandeld. Na de opening of in het middenspel geeft de auteur een stellingsoordeel en analyseert vervolgens de partij voor zover dat voor het behandelde thema van belang is. Beroemde partijen passeren de revue; van Steinitz – Von Bardeleben uit 1895 tot Judit Polgar – Berkes 2003, in totaal 113 partijen. Het zwakke punt van deze uitgave is dat varianten soms niet kloppen en redacteur Ken Neat zich genoodzaakt ziet aanvullingen en verbeteringen toe te voegen. Toch is het een onderhoudend en leerzaam boek. Geschikt voor spelers met een rating vanaf 1800.

Mark Dvoretsky, Artur Yusupov: Secrets of Creative Thinking. School of future champions 5.
Edition Olms, 2009. 206 pagina's. € 24.95
Het vijfde en laatste deel van deze serie. Er worden onderwerpen behandeld zoals de berekening van varianten, de ontwikkeling van de intuïtie en de psychologie van het nemen van beslissingen zowel voor de aanvaller als de verdediger wordt onderzocht. Behalve de auteurs leveren nog vijf anderen bijdragen, wat de samenhang niet ten goede komt. Bijzonder leuk is het hoofdstuk van Yusupov over gemiste schoonheidsprijzen. Met veel gevoel voor understatement analyseert hij zijn eigen creaties. Hij hoopt dat de lezers er iets van zullen opsteken, zelf heeft hij er weinig van geleerd. Dit deel is eerder verschenen onder de titel Attack and Defence (Batsford, 1998). De tekst is opnieuw vertaald door Ken Neat, het schaaktechnisch gedeelte is ongewijzigd gebleven. Het is een omissie dat de uitgever niet naar deze eerdere uitgave verwijst.

Tijdens een boekpresentatie in het Max Euwe Centrum schonk uitgever Hanon Russell ons een exemplaar van het volgende boek:

Karsten Müller: The Career and Complete Games of the American World Chess Champion.
Russell Enterprises, 2009. 408 pagina's. € 31.95
In het voorwoord wordt de carrière van Fischer door Larry Evans in een notendop beschreven. Evans ontmoette Bobby toen hij 13 jaar was en lange tijd was hij een vertrouwenspersoon van hem. Hij hielp Fischer bij het samenstellen van My 60 Memorable Games dat in 1969 verscheen. Karsten Müller gaat in zijn introductie aan de hand van diagrammen in op enkele hoogtepunten van zijn carrière. Aan het slot van het artikel besteedt hij aandacht aan de invloed van Fischers wereldtitel op de schaakwereld. In de Verenigde Staten en Europa, eigenlijk over de hele wereld was er in de jaren 70 sprake van een schaakboom: meer publiciteit, meer schakers en toernooien met betere financiële voorwaarden. Een hele generatie profspelers heeft van Fischers hoge financiële eisen geprofiteerd. Ten slotte geeft Andy Soltis een uitvoerig overzicht van het openingsrepertoire van Fischer.
De hoofdmoot vormen de partijen van Fischer, in totaal 736. Het omvat al zijn wedstrijdpartijen en enkele exhibitiepartijen. De analyses van Müller zijn tamelijk kort wat bij een werk van een dergelijke omvang onvermijdelijk is. Uiteraard maakt de auteur gebruik van bestaande analyses, zoals die van Kasparov uit Kasparov on My Great Predecessors. Alle analyses heeft hij gecontroleerd met de computer. Een minpuntje is dat Müller zelden verwijst naar Fischers analyses in My 60 Memorable Games. De illustraties zijn uitstekend met veel onbekende foto's en afdrukken van documenten en enkele brieven. Deze uitgave is interessant voor iedereen die wil genieten van de partijen van het genie Fischer.

Ten slotte ontving het MEC:

Renzo Verwer: Bobby Fischer voor beginners.
Aspekt, 2008. € 11.95

Dennis Breuker: Memory versus Search in Games.
Siks Dissertation Series No. 98-4, 1998.

Bezoek het
Max Euwe Centrum

Openingstijden en route

 

MEC-tube

Max Euwe Centrum's Channel op YouTube

 

facebook logo

Vind ons op facebook!